This site requires JavaScript to render the code.

Need to know how to enable JavaScript? Go here.

Speakers
Robot CCO

De robot als dienstverlener en multi-inzetbare arbeider

“Nu gaat het nog niet zo goed met onze economie, maar Nederland kan in 2015 zomaar een van de best presenterende landen in deze hoek van Europa zijn”, verwacht econoom dr. Mathijs Bouman. Hij baseert zich vooral op de aantrekkende huizenmarkt, maar ook op de lagere euro, de dalende olieprijs en de sneller dan verwachte afname van de werkloosheid. Voor de langere termijn is er meer goed nieuws: robotisering kost straks banen, maar levert andere op en is een uitgelezen kans om onze concurrentiekracht te vergroten.

dr. Mathijs Bouman

Econoom en journalist | Nieuwsuur | Financieele Dagblad

“De dalende huizenprijzen sinds 2011 zijn volgens het Centraal Plan Bureau (CPB) een belangrijke factor in het verklaren van de afgenomen consumptie en de lagere economische groei in de afgelopen jaren”, zegt econoom Mathijs Bouman. die vooral bekend is als columnist, RTL Z-beurscommentator en van zijn lezingen. “Eerder waren veel Nederlandse huizenbezitters gewend uitgaven te doen op basis van de overwaarde van hun huis, maar toen dat niet meer kon en ze zich realiseerden dat ze te veel hadden uitgegeven, gingen ze besparen. Daardoor zijn de consumentenbestedingen ingestort. Nu onze huizenmarkt een aardig herstel vertoont, verwacht ik op basis van de huidige cijfers en de voorspellingen van economen, banken en het CPB dat Nederland volgend jaar in dit deel van Europa een van de best presenterende landen kan zijn.” Ook de sneller dan verwachte afname van het aantal werklozen helpt. “Dat is heel goed voor de koopkracht en het consumentenvertrouwen.” Bouman nuanceert het sombere beeld dat ontstaat door berichten over massa-ontslagen. “Daarover lees je, maar nergens staat hoeveel mensen bij andere bedrijven zijn aangenomen.”

We zijn aan de beterende hand, maar het gaat – eind 2014 – nog niet zo goed met onze economie. “We hebben nog last van het trauma van de financiële crisis en liggen als het ware nog met gebroken benen in bed. Tekenen van herstel, zoals betere winkelverkopen zijn kleine positieve rimpelingen binnen de grote negatieve rimpel die in 2008 is ontstaan. Na de financiële crisis kregen we bovendien te maken met de eurocrisis. Doordat mensen hun huizen voor te veel geld hebben beleend, bedrijven nog terughoudend zijn met investeren en overheden zuinig aandoen zullen de groeicijfers niet extreem hoog zijn”, zegt Bouman. “Alle economische crises van na de Tweede Wereldoorlog waren, meestal door onrust in de wereld veroorzaakte oliecrises, die voor heel andere trauma’s zorgden. Deze keer was het een traditionele crisis in de kredietsector, die helemaal hoort bij het moderne kapitalistische systeem en onder andere te vergelijken is met die van de jaren dertig van de vorige eeuw. We hebben nu langer last van de nawerking, maar zoals gezegd begint het stabieler te worden op de financiële markten. Het zal echter nog lang duren voor we terug zijn op gemiddelde groeiniveaus van twee procent.”

Euro

De recente waardedaling van de euro naar ongeveer $ 1,27 is volgens Bouman eveneens een stap in de goede richting. De Amerikanen hebben, zegt hij, lang de schuld bij de buren gelegd (‘Beggar thy neighbour’ noemen ze dat), de koers van de dollar dankzij dit zeer exotische monetaire beleid laag gehouden en zich mede daardoor uit de recessie kunnen exporteren. Hun tekort op de handelsbalans is erdoor verkleind. “Doordat de Britten en de Japanners hun munt ook hebben verzwakt en de Chinezen hun munt standaard laag houden waren wij de verliezers van de valutaoorlog. Het enige gebied in de wereld waar de valutakoers van de munt niet of elk geval minder werd gemanipuleerd was Europa. Wij hebben een strengere centrale bank.” Terugkijkend zegt Bouman: “Een euro van $ 1,40 sloeg echt nergens op. We waren het zwakste gebied van de wereld met de sterkste munt. Op dit moment gaan we wat meer richting de juiste waarde.” Op de vraag wat die zou moeten zijn antwoordt hij: “$ 1,15 lijkt me veel logischer en eigenlijk kan Europa zelfs goed een euro gebruiken die precies een dollar waard is.” Het maakt Europese export goedkoper en import duurder. Dat laatste drijft de momenteel veel te lage inflatie op. Ook de Nederlandse economie kan profiteren van een goedkopere euro, die niet meteen, maar wel volgend jaar extra groei kan opleveren.

Olie

De dalende olieprijs is een andere gunstige ontwikkeling voor onze economie en met name voor de petrochemische industrie. Nog niet zo lang geleden verwachtten sommige analisten nog dat de prijs naar $ 150 of zelfs $ 200 per vat zou kunnen gaan, inmiddels horen we daar niemand meer over. “Dat komt in de eerste plaats doordat de Amerikanen veel schaliegas winnen. In Europa is men daar huiverig voor, vanwege de effecten op het milieu en de kwaliteit van grondwater. Een andere reden is de terugval van de economische groei in opkomende markten. Bovendien bieden de OPEC-landen de laatste tijd meer olie aan. In september voerden ze de productie zelfs op terwijl de olieprijs daalde.” Is dit geen vreemde situatie? “Meestal is het andersom. Normaal gaat de olieprijs omhoog wanneer er onrust is in de wereld, tenzij er zoals nu door een samenloop van omstandigheden overaanbod is.”

Robotisering

Robotisering zal zeker banen kosten, maar er komen andere voor in de plaats. “Minister Asscher heeft onlangs een redelijk weloverwogen speech gehouden, waarin hij de voors en tegens benoemde. Op de momenten dat hij politiek interessante uitspraken deed, gingen die echter de negatieve kant op. Minder banen en meer ongelijkheid, vreesde hij. Ik denk juist dat Nederland zeker niet bang moet zijn voor robotisering. Sterker, het is een uitgelezen kans industriële activiteit terug te krijgen en op productiegebied weer te kunnen concurreren met lagelonenlanden.” Wel waarschuwt Bouman dat we van nieuwe technologie altijd te veel te snel verwachten. “Dat zal hier ook zo zijn. Automaten waren er al in de negentiende eeuw, een robot moet meer zijn. Hij moet ingewikkelde handelingen kunnen overnemen in een fysieke ruimte en wat mij betreft interactie hebben met zijn omgeving en in staat zijn te reageren op impulsen. Er zijn in sommige industrieën al robots die ‘zintuiglijke waarneming’ gebruiken om informatie over het productieproces door te geven aan andere robots of machines. Als wij in onze fabrieken straks robots hebben die de ene dag scheerapparaten en de andere broodroosters kunnen maken, ook in kleine oplagen, hebben we een groot voordeel ten opzichte van de grote productiehallen in Azië. De lijntjes zijn korter, er is meer flexibiliteit, de kwaliteit is beter en het proces is veel duurzamer, doordat we producten op ons eigen continent maken.” Bouman vindt het ‘een hele goeie’ dat minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) door regels aan te passen de ruimte wil geven aan de zelfrijdende auto, die eigenlijk ook een soort robot is, en Nederland daarin een voortrekkersrol wil laten spelen. “Daar zal onze industrie van profiteren.”

Robot als dienstverlener

De interessantste rol die een robot in de toekomst kan spelen is wellicht die van dienstverlener. Bouman: “Als je je billen niet meer zelf kunt wassen, door wie word je dan liever geholpen? Door je schoondochter of een billenwasrobot, die dat efficiënt maar op een menselijke manier doet? Dat laatste is misschien wel veel prettiger. Vaak vergeten we dat veel mensen het helemaal niet fijn vinden altijd maar om hulp te moeten vragen.” Een dienstverlenende robot, die niet alleen een deel van de persoonlijke verzorging op zich neemt, maar ook stofzuigt en andere klusjes opknapt, is zorgt er volgens econoom Bouman voor dat mensen hun persoonlijke zelfstandigheid kunnen behouden en minder afhankelijk zijn van andere mensen. Die hebben dan tijd over om op bezoek te komen en een praatje te maken, want gezelschapsrobots zijn wat dat betreft hooguit een speeltje. Bouman weet niet hoe deze ontwikkeling maatschappelijk uitpakt, maar het zou heel dom zijn om die buiten de deur te houden. “Het is een interessante markt om geld aan uit te geven en onze intelligentie op te botvieren.” Voor het zover is moet er echter nog heel wat gebeuren. “Het is echter wel een ontwikkeling waarbij de Nederlandse welvaart, met een vergrijzende bevolking, erg gebaat zal zijn. We kunnen immers niet verwachten dat iedereen die nu van school komt verpleger wil worden om de problemen van straks op te lossen.”

Ten slotte bekent Mathijs Bouman dat hij conjunctuur vorsen niet altijd leuk vindt, maar dit soort dingen wel. “De bron van onze welvaart is de technologische ontwikkeling. Dat is geen gegeven, maar een positief ongeluk dat ons de laatste 300 jaar, mede dankzij het ongeorganiseerde private initiatief, is overkomen.” Om dit wonder in stand te houden moet de overheid volgens Bouman niet alleen zorgen voor een goed rechtssysteem, maar vooral jongeren faciliteren om een goede opleiding te volgen en eerder te kiezen voor een bètavakken. “Dankzij de crisis gebeurt dat al vaker, maar het niveau van het beste onderwijs in Nederland is niet goed genoeg. We moeten zorgen voor meer excellent onderwijs en jongeren stimuleren in het buitenland te studeren (en terug te komen voordat hun kinderen naar de middelbare school gaan).”

Mathijs Bouman - ©Speakers Academy - Walter Kallenbach

dr. Mathijs Bouman

Econoom en journalist | Nieuwsuur | Financieele Dagblad

Mathijs Bouman is econoom en journalist. Hij is vaste columnist van Het Financieele Dagblad en...

Informatie opvragen Bekijk het profiel